Rechter legt installatiebedrijf boete op na dodelijke valpartij

Installatiebedrijf Hanab is door de rechtbank Den Bosch schuldig bevonden aan de dood van een werknemer door een val van een balkon. De rechtbank oordeelt dat het bedrijf heeft nagelaten de nodige veiligheidsmaatregelen te treffen.

Rechter legt installatiebedrijf boete op na dodelijke valpartij
Beeld: Shutterstock

De rechtbank concludeert dat het installatiebedrijf de werknemer willens en wetens op een plek heeft laten werken waar de risico’s onvoldoende waren geïnventariseerd. Uit onderzoek van de Arbeidsinspectie blijkt dat het leuningwerk op het balkon niet voldeed. Ook stelt de rechtbank vast dat Hanab (destijds: Homij) de werknemer onvoldoende heeft voorbereid op de risico's van werken op balkons.  

De werknemer is eind 2021 voor Hanab aan het werk in een appartementencomplex van de Maasresidence in Thorn. Tijdens de aanleg van de voorzieningen voor een terrasheater op het balkon valt hij ruim 9 meter naar beneden. Een maand later overlijdt de man aan zijn verwondingen. 

Het bedrijf wijt de gebrekkige maatregelen zelf aan dat de bewuste werkzaamheden in eerste instantie niet waren meegenomen in de overeenkomst tussen Hanab en hoofdaannemer Van Wijnen. De onderaannemer had voor de oorspronkelijk afgesproken werkzaamheden wel een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) opgesteld. Aanvullende maatregelen voor de extra werkzaamheden achtte hij niet nodig. Die inschatting is in de ogen van de rechtbank onbegrijpelijk. De RI&E gaat immers uit van een situatie waarin de werknemers binnen werken en niet op balkons.  

Verantwoordelijkheid 

In plaats van een nieuwe RI&E uit te voeren, laat Hanab de werknemer zelf een Laatste Minuut Risico Analyse (LMRA) doen. Dit is volgens de rechtbank niet voldoende om invulling te geven aan de zorgplicht die het bedrijf heeft vanuit de Arbowet. De risico’s in kaart brengen is in de eerste plaats de taak van de werkgever, niet (uitsluitend) een verantwoordelijkheid van de werknemer. 

Verder verzaakt het installatiebedrijf om voldoende toezicht te houden op de werkplek van het slachtoffer. Daarvan getuigt de uitspraak van de montageleider van Hanab die hiervoor verantwoordelijk was. Op de dag van het ongeluk verklaart die over het leuningwerk op de balkons "dat hij er al drie weken niet is geweest en hij niet aan de buitenkant komt, omdat hij binnen werkt". 

De officier van justitie eist een boete van € 75.000. De rechtbank stelt die naar beneden bij vanwege overschrijding van de maximale procesduur van 2 jaar met 9 maanden. Daarnaast beargumenteert de advocaat van het installatiebedrijf dat "het feit indruk heeft gemaakt op Hanab en haar werknemers" en "dat kosten noch moeite worden gespaard om de veiligheid van werknemers te (blijven) waarborgen". 

Dit artikel verscheen eerder bij Cobouw

Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.